ArtWay

God heeft ons niet geschapen om ons te verlaten! Michelangelo

Kunstenaars

Ondák, Roman - BM - Grady van den Bosch

Roman Ondák: Measuring the Universe

De menselijke maat

door Grady van den Bosch

Wat is dan de sterveling dat U aan hem denkt? Psalm 8:5

Hoe groot is God? Hoe groot is het heelal? Het zijn vragen die velen van ons als kind hebben gesteld. En nog wel proberen wij als volwassenen ons een beeld te vormen van het wezen van God. En van hoe God zich met zijn onmetelijkheid en de grootheid van zijn schepping verhoudt tot de mens. In de Bijbel staan verschillende referenties naar maat en schaal als het gaat om God en mens. Zoals: “En God schiep de mens naar zijn beeld” (Genesis 1:27a). Ik vind dit altijd een mysterie. En ook: “Zie ik de hemel, het werk van uw vingers, de maan en sterren door u daar bevestigt, wat is dan de sterveling dat u aan hem denkt…? “(Psalm 8:5). In die verhouding God – mens spreken ook de volgende woorden van Jezus tot onze verbeelding: “bij jullie zijn zelfs alle haren op jullie hoofd geteld” (Matteüs 10:31). Onze verwondering over de ‘maat’ van God en zijn verhouding tot de kleine mens is goed voor te stellen.

Dit kwam allemaal bij mij naar boven toen ik me verdiepte in het kunstwerk Measuring the Universe (Het heelal meten) van de Slowaakse kunstenaar Roman Ondák. Het werk is gebaseerd op het bijhouden van je groei als in het bij kinderen populaire meten en streepjes zetten op een lat. Ondák wilde a.h.w. de mensheid meten en ontwierp daarvoor een even simpel als geraffineerd en fascinerend kunstwerk, dat tegelijk een soort performance en interactieve installatie is.

Het kunstwerk begint met een lege ruimte. Vervolgens meten museummedewerkers de bezoekers en schrijven op de hoogte van hun lengte de datum van de meting en de voornaam van de bezoeker op de muur. Het kunstwerk groeit naarmate er meer bezoekers langskomen. Heel duidelijk is te zien wat de gemiddelde lengte is, daar ontstaat – na duizenden metingen – langzaamaan een zwarte band. Eronder en erboven zien we de markeringen van kortere en langere mensen. Roman Ondák: “Het begint met de eerste meting en eindigt wanneer de laatste bezoeker wordt gemeten. Het lijkt op een klok, die uren en minuten aangeeft: elk moment is belangrijk.” Na de expositieperiode worden de muren weer overgeschilderd. Measuring the Universe is een tijdelijk kunstwerk, dynamisch, groeiend en levend.

Het werk past in Ondáks projecten waarin hij de grenzen wil vervagen tussen kunst en het dagelijks leven. Hij gebruikt ‘alledaagse momenten binnen de context van hedendaagse kunst’. Belangrijk onderdeel daarvan is de participatie van bezoekers: door deel te nemen wordt de band met het werk bevorderd. Een ander kenmerk van een project als dit is de reproduceerbaarheid, waarbij geen enkele versie hetzelfde zal zijn. Ondák vindt de ‘kneedbaarheid van de formule’ interessant, waarover hij zegt: “Dit is het soort werk dat qua uiterlijk een zekere vloeibaarheid kent.” Het werk heeft meer eigenschappen. Zo wordt het wel een soort ‘datavisualisatie’ genoemd en een ‘levende info-graphic’. Andere beschrijvingen: “Een steeds evoluerende wandtekening die zowel een openbare uitvoering als een collectief document is.” En: “Een kruising tussen een site-specifieke installatie en een voor iedereen toegankelijk evenement.’

Een hele mooie beschrijving van het werk sluit aan bij de verwondering over de mens in de onmetelijkheid: “Door de deelname van meer dan 90.000 bezoekers die zichzelf meten en op de muren markeren, krijgen toeschouwers een visueel beeld van de ruimte die ieder van ons inneemt in dit uitgestrekte universum. Het is een weerspiegeling van fysiek ingenomen ruimte en onderlinge verbondenheid. Elke persoon dient als een ster in een netwerk van hemellichamen of sterrenbeelden. Het is ook interessant hoe dit project organisch is geëvolueerd tot een dunne reeks zwarte vlekken op witte muren die lijken op een melkwegstelsel waarvan het monochromatische schema is omgekeerd.” (Tate St. Ives)

En zo zijn we weer terug bij de eerste noties. Vragen die voor mij bijna als vanzelfsprekend voortkomen uit de ontmoeting met dit werk: hoe groot is het heelal, hoe groot is God? En wat is mijn positie? Voor mij is God onlosmakelijk verbonden met de grootheid en onbevattelijkheid van het universum, zijn eigen creatie. Maar ook met de menselijke maat. Hoezeer heeft hij dat niet duidelijk gemaakt door zelf in zijn zoon Jezus Christus letterlijk de menselijke maat aan te nemen? En hoe menselijk en tegelijk goddelijk is diens relatie met de mens, met ieders eigen kleur, die als een ontluikende bloem naar voren komt uit droge cijfers? Er gaan levens achter schuil en God staat er tussenin.

*******

Roman Ondák: Measuring the Universe, vanaf 2007 op verschillende locaties met verschillende afmetingen, afhankelijk van de grootte van de ruimte en het aantal deelnemers. Het werk bevindt zich o.a. in de collectie van Tate Modern in Londen, Pinakothek der Moderne in München en MoMa in New York. Het is in 2010/11 vertoond in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Afbeeldingen: foto 1: en.wikipedia.org, foto 2: mymodernmet.com, foto 3: moma.org.

Bronnen: diverse onlinebronnen, zoals www.moma.org, www.tate.co.uk, www.artechlabamsterdam.nl, www.mymodernnet.com, www.flash---art.com.

Roman Ondák (1966) is een Slowaakse conceptueel kunstenaar. Hij studeerde o.a. aan de Academie voor Beeldende Kunst en Vormgeving in Bartislava. Zijn werk is vertoond in gerenommeerde musea en tot nu toe vier keer op de Biënnale van Venetië. Roman Ondák speelt met verschillende conceptuele ideeën, die de aandacht van de kijker op het dagelijks leven doen verschuiven en aanscherpen. Opgroeiend onder het communistische regime van voormalig Tsjechoslowakije, raakte de kunstenaar attent op systemen van insluiting en uitsluiting in deze specifieke samenleving. Ondák zet in zijn werk vraagtekens bij het falen van de communistische structuur en onderzoekt het potentieel voor verschillende orden - nieuwe gedragspatronen en uiteindelijk alternatieve sociale en politieke mogelijkheden. Zijn werk is vaak heel subtiel en infiltreert op een fantasierijke en rustige manier in de omgeving van de toeschouwer, wat een opnieuw beschouwen van de realiteit teweegbrengt. Met een bijna antropologische benadering combineert hij met zijn scherpe artistieke humor aspecten van het alledaagse en opent hij door zijn poëtische veranderingen ruimte om de regels van het alledaagse uit te dagen. Ondáks werk is niet alleen nieuwsgierig naar de rituelen en aannames die ons leven beheersen; hij ondervraagt ​​speels zowel het kunstsysteem als de samenleving in het algemeen en spoort ons aan tot een groter bewustzijn.

Grady van den Bosch is Master of Education in Arts. Vanuit haar eigen bedrijf Studio Grady Art & Arteducation werkt ze als kunsteducator, muziekeducator en kunstenaar. Ze is actief in verschillende landelijke werkgroepen op het gebied van kunst in de kerk. Daarnaast was ze jarenlang actief in de werkgroep Kunst in de Kerk in haar eigen kerk, waaronder enkele jaren als coördinator.   http://www.gradyvandenbosch.nl

ArtWay beeldmeditatie 5 januari 2020